Studeren mag geen luxeproduct worden

Dit opiniestuk werd gepubliceerd in Het Belang van Limburg.


De Vlaamse studenten en de Vereniging van de Vlaamse studenten trekken aan de alarmbel. Ze hebben groot gelijk want de prijzen van de studentenkamers swingen de pan uit. Een gewoon, normaal, betaalbaar kot is nauwelijks nog te vinden. Het kan niet zijn dat er vandaag geen studentenkamer onder de €400 per maand meer te vinden is. Er zijn duizenden, eigenlijk spreken we beter van tienduizenden, koten te weinig. Wat er vandaag wordt bijgebouwd zijn vaak peperdure koten of kleine luxestudio’s, die voor gewone gezinnen niet te betalen zijn. Laat staan als je meer dan één kind hebt dat studeert.

Er is nood aan meer, diverse en betaalbare studentenhuisvesting. Eentje voor elk soort portemonnee. De Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) maakte dinsdag een ijzersterk dossier met doordachte standpunten. Zij tonen misschien wel meer engagement dan de minister van Wonen om te werken aan een diverse en betaalbare kotenmarkt. Julien De Wit, hun voorzitter, slaat dan ook de nagel op de kop: “Het is fijn dat sommige studenten zich een luxekot kunnen veroorloven met een pingpongtafel en yogaruimte, maar velen hebben gewoon nood aan een basiskot: een tafel, stoel, bed en kast. Arme studenten hebben nog het ‘geluk’ dat ze aanspraak kunnen maken op een gesubsidieerde residentie, maar studenten uit de lagere middenklasse dreigen tussen de mazen van het net te vallen.”


Op kot kunnen gaan is voor veel jongeren wel degelijk een noodzakelijke voorwaarde om verder te kunnen studeren. Niet aan elke onderwijsinstelling kan je hetzelfde studeren en niet iedereen woont op fietsafstand van de hogeschool of universiteit. Voor velen is het ook gewoon onmogelijk om via het openbaar vervoer heen en weer te pendelen. Verder heeft de coronacrisis pijnlijk duidelijk gemaakt dat heel wat studenten echt geen thuisomgeving hebben waarin ze gedegen aan hun studie kunnen werken. Denk aan een problematische thuissituatie, geen eigen kamer of geen internet… en een auto kopen is voor weinig studenten weggelegd.


Het is van groot belang dat studeren geen luxeproduct wordt. Daarom deed ik namens CD&V al eerder het voorstel om sociale studentenkamers te laten bouwen door sociale huisvestingsmaatschappijen. De sociale huisvestingssector ziet dat zitten en beschikt niet alleen over alle expertise om te bouwen, maar ook om gericht deze kamers toe te wijzen. Bijkomend aanbod en dus bijkomende kamers zijn cruciaal om ervoor te zorgen dat de prijzen dalen. En dat is nu echt wel broodnodig. In 2020, toen er werd gewerkt aan de kwaliteitsvereisten voor koten, sneuvelden bijna ook alle Kotmadamkamers (in Leuven) en de Hospita formule (in Gent). Duizenden kamers dreigden ongeschikte worden verklaard omdat er geen lavabo in de kamer stond. Maar de deur uit en je had daar de badkamer. Toen heb ik ook van mijn oren gemaakt, want net dit soort kamers zijn niet enkel charmant, maar ook vaak goedkoper en zorgen dus voor een divers aanbod. Studentenkamers moeten kwaliteitsvol zijn, dat is juist. Maar niet iedereen vraagt hetzelfde comfort. We hebben koten nodig voor élk soort portemonnee. Koten zonder lavabo en mét een gedeelde badkamer mogen daar gerust bij.


Minister Diependaele schuift steevast de hete aardappel door. Ook in de plenaire vergadering woensdag was hij duidelijk: “Maak geen vergissing: degene die de belangrijkste instrumenten in handen hebben om hieraan iets te doen zijn natuurlijk de lokale besturen zelf en de onderwijsinstellingen, die daar ook voor gefinancierd worden. We zullen hen rond de tafel zetten, om te kijken wat we kunnen gaan doen.” Feit is natuurlijk dat het net dié actoren zijn die aan de minister met aandrang en ongeduld om hulp komen vragen. Ik blijf pleiten voor een divers aanbod. Luxekoten met pingpongtafel en dure prijzen, die mogen er zijn voor de mensen die dat kunnen betalen, maar er moet keuze zijn.


Dit debat is erg relevant en oplossingen moeten volgen. Net om duidelijk te maken dat studeren geen luxeproduct mag worden. Op dit moment, met de situatie op de kotenmarkt, is dat een reëel gevaar. Het probleem van de stijgende prijzen en de evolutie naar steeds meer comfortkamers wordt eigenlijk al lang aangekaart. De tijd van grote analyses lijkt me dan ook achter ons te liggen. Het is tijd dat we dit echt aanpakken, dat we zorgen voor oplossingen. Ik zie de minister graag komende dagen, weken en maanden de handschoen opnemen en ervoor te zorgen dat meer studenten terecht kunnen in een betaalbaar kot. Op mij en mijn partij mag hij rekenen.