Weinig vertrouwen in hoorimplantaten door gebrek aan niet-commerciële kennis

Jaarlijks horen 3.300 mensen met gehoorverlies dat een traditioneel hoorapparaat niet meer volstaat. Zij komen in aanmerking voor de gedeeltelijke terugbetaling van een cochleair implantaat, maar slechts 6 à 7% kiest ervoor. De grootste hindernis is het gebrek aan kennis en informatie. “Het niet tijdig kiezen voor een implantaat kan grote gevolgen hebben voor hun welbevinden. Wat dan ook weer invloed heeft op het plezier dat zij uit hun hobby of werk halen,” zegt Vlaams parlementslid Vera Jans (CD&V). “Een actuele informatiewebsite kan slechthorenden over de lijn trekken.”


De Vlaamse Regering heeft de ambitie vastgelegd om een werkzaamheidsgraad van 80% te bereiken. Om dit waar te maken rekent ze op een ruim activeringbeleid. Vlaams parlementslid Vera Jans vindt dat ook kan worden ingezet op slechthorenden. “Jaarlijks horen 3.300 slechthorenden dat een traditioneel hoorapparaat niet meer volstaat. Daardoor verliezen mensen kansen en vallen de normale dingen in het leven, zoals je hobby doen of naar het werk gaan, voor hun weg. Toch kunnen én willen deze mensen aan de slag in het leven,” zegt Vera Jans.


De oplossing voor hen is een cochleair apparaat. Het implantaat stuurt elektrische impulsen naar de gehoorzenuw, daardoor kunnen personen met (bijna) doofheid terug beter horen. Maar slechts 6 à 7% van de slechthorenden die in aanmerking komen kiest ervoor. Gemiddeld genomen wachten ze ook zeven jaar alvorens de ingreep te ondergaan, maar het niet tijdig kiezen voor een implantaat weegt steeds zwaarder op hun levenskwaliteit en hun arbeidskansen. De belangrijkste reden voor het niet tijdig kiezen voor een implantaat is een gebrek aan niet-commerciële informatie en kennis. Dat komt doordat in België informatie over cochleaire implantaten enkel te vinden is op de website van de verdelers. Die informatie wordt niet als correct ervaren en weerhoudt slechthorenden om verder te zoeken en overtuigd te worden van het implantaat.


“Daarom vraag ik aan minister Wouter Beke om een actuele informatiewebsite te creëren waarop slechthorenden terechtkunnen met hun vragen. Zo hebben ze neutrale informatie en kunnen ze beter worden doorverwezen naar de juiste artsen en verenigingen,” zegt Vera Jans. Daarnaast heerst ook het taboe rond het cochleair apparaat. Slechthorenden associëren het vooral met ouder worden en vinden het niet hip. Een financiële hindernis heerst minder doordat het apparaat door de federale overheid gedeeltelijk wordt terugbetaald.


Gehoorverlies heeft een grote invloed op het dagdagelijks leven. Mensen ervaren angst, stress en vermoeidheid door de communicatieve moeilijkheden en het verlies van een stukje zelfstandigheid. Slechthorenden die niet gaan voor een implantaat hebben daarenboven meer kans op dementie en depressie. Ze verliezen ook hun werk, bij plots gehoorverlies, of vinden maar moeilijk opnieuw een job die bij hun past. “Toch is het mogelijk voor slechthorenden om een job te vinden die voor hun geschikt is. Zo werd in Nederland door de politie specifiek slechthorenden aangenomen, omdat zij betere visuele vaardigheden hebben om beeldmateriaal te analyseren.” Sinds kort loopt in Vlaanderen het project ‘Hear again, hear again’, een samenwerking tussen de Vlaamse overheid en het UZ Antwerpen. Het project wil de levenskwaliteit van slechthorenden verbeteren door te onderzoeken wat de directe invloed is van het vinden van een passende job.